Dit jaar begon met een knal! Een maand van sneeuwpret, maar ook winterse ongemakken in Nederland leidde tot de koudste januarimaand sinds 2017. Ook elders in de wereld kwam het tot extremen en nieuwe records met vooral de uiterste zichtbaar tussen de winter op het noordelijk halfrond en de zomer op het zuidelijk halfrond.
Zomer tegen winter, maar sterker nog... IJskoud tegen recordhitte, overstromingen tegen extreme droogte: afgelopen januarimaand liet deze tegenstellingen in extreem zien tussen het noordelijk en het zuidelijk halfrond.
Noord tegen zuid
Vanwege de kanteling van de aarde en zijn baan rond de zon ontstaan er seizoenen. De kanteling zorgt vooral dat de verschillende halfronden de seizoenen in tegenstelling ervaren: is het zomer op het noordelijk halfrond, dan is het winter op het zuidelijk halfrond; is het herfst bij ons, dan is het lente aan de andere kant; enz. In gematigde en poolgebieden worden de seizoenen gekenmerkt door veranderingen in de intensiteit van het zonlicht dat het aardoppervlak bereikt.

IJskoud op het noordelijk halfrond
Weet je het nog?! De eerste week van januari trokken er dagelijks talrijke sneeuwbuien over. In het midden van het land kwam het zelfs tot een dik pak sneeuw van 10 tot 20 cm.

Foto: Yvette Vreeker (Helmond)
Ook elders in Europa was het koud met vaak sneeuwval. Daarmee werd januari 2026 de koudste januarimaand sinds 2010. Denk bijvoorbeeld aan het strenge winterweer in Noord- en Oost-Europa met minima tussen -20 graden en -30 graden!
Maar niet alleen in Europa was het behoorlijk winters. Ook Noord-Amerika kampte met extreme kou en streng winterweer. Door een enorme uitbraak van arctische lucht werd een groot deel van de VS ondergesneeuwd.
Deze winterkou met sneeuw hing samen met een ongewoon grillige polaire straalstroom. Vanwege de koers van de straalstroom kwamen er vaker depressies met intensieve neerslag over Zuid-Europa. Daar kwam het vaker tot (dodelijke) overstromingen. Daarmee gaat januari 2026 de boeken in als vrij natter dan gemiddeld
Verzengende hitte in het zuiden
Terwijl het noordelijk halfrond in de vrieskou zat, had het zuidelijk halfrond met recordhitte te maken. Vooral Australië was het vooral een hete januarimaand. Zo werd het op dinsdag 29 januari maar liefst 48,9 graden in de staat Victoria - een nieuw hitterecord in deze regio. Op meerdere plaatsen werd het voor 7 of 8 dagen meer dan 40 graden. Ook dat is uitzonderlijk, eigenlijk een record hittegolf!
Deze extreem hoge temperaturen droegen bij aan de hevige (en dodelijke) bosbranden in Australië, Chili en Patagonië in de tweede helft van de maand.
In Zuidelijk Afrika verliep de maand wat anders: ernstige overstromingen leidden tot veel schade in vooral Mozambique en het noordoosten van Zuid-Afrika. Daartegenover kampte het zuiden van Zuid-Afrika met droogte. De droogte is nog niet verholpen en deels daardoor is er momenteel een groot watertekort.

Leeg zoetwatermeer in het zuiden van Zuid-Afrika. (Foto: Jack en Anél Coetzee, George, Zuid-Afrika)
Toch een vrij warme januarimaand
Je zou denken dat zo'n extreem koude maand in Europa en Noord-Amerika zou leidde tot gemiddeld een lagere wereldwijde temperatuur, maar dat was juist niet het geval. Januari 2026 was de op vier na warmste januari ooit gemeten, met een gemiddelde wereldwijde temperatuur van 12,95 graden. Dat is 0,51 graden hoger dan het klimaatgemiddelde (1991-2020). De temperatuur lag ook 1,47 graden boven het pre-industriële niveau en dat komt steeds dichterbij de opwarmingsdrempel van 1,5 graden die vastgesteld is in het Klimaatakkoord van Parijs.
Warme zee
Uit nieuwe gegevens van de Copernicus Climate Change Service (C3S) blijkt dat de zeewatertemperatuur ongewoon hoog blijft, terwijl het zeeijs aan beide polen blijft afnemen. De zeewatertemperatuur behoort tot de hoogste voor deze tijd van het jaar. Vooral in de Noord-Atlantische Oceaan en de Noord-Stille Oceaan was het water erg warm.

Foto: Gieny Westra (Katwijk aan Zee)
Januari 2026 zorgt voor een duidelijke herinnering aan het feit dat klimaatverandering niet per se betekent dat het overal de hele tijd warmer is dan normaal, maar dat het soms tegelijkertijd zeer koud in de ene regio kan zijn met extreme hitte in een andere regio. In een opwarmend klimaat worden de extremen juist extremer.
