Moeder met haar kroost.

Moeder met haar kroost.

Bij wilde zwijnen duurt de paartijd, die ook wel rauschtijd wordt genoemd, van september tot maart. De frislingen worden geboren tussen maart en april, na een draagtijd van 113-114 dagen. Zeugen krijgen vaak 8-12 jongen per worp, wat ook overeen met het aantal tepels dat een zeug heeft. Oudere zeugen krijgen grotere worpen. Het aantal jongen is ook afhankelijk van de voedselsituatie en de conditie van de zeug in de periode van bevruchting. Meestal krijgt een zeug één worp per jaar, maar mocht de eerste worp vroeg verloren gaan, dan kunnen de zwijnen nog in de zomer een tweede worp krijgen. Tegen kou kunnen pasgeboren zwijntjes redelijk goed, maar niet tegen (veel) regen, zeker niet in combinatie met wind en lage temperaturen.

Door: Regina Vastenhout
Gemaakt: 15-03-2020, 635x bekeken
Bekijk slideshow
1 Op het menu staan veel insecten, zaden, noten, vruchten, graan en bessen. Harde noten zet hij tussen het boomschors vast en hamert ze dan van bovenaf stuk. Grotere insecten worden met de snavel in stukjes geknipt. De boomklever legt ook voorraden aan. In bosrijke gebieden met veel oude loofbomen komt de pimpelmees in de hoogste dichtheden voor, daar broeden zij in boomholtes. Ook in dorpen en steden komt de pimpelmees veel voor en broedt daar graag in nestkasten. De pimpelmees is veel te vinden in parken en tuinen, waar zij ook graag gebruikmaken van bijvoedering. Het mannetje (hert) heeft een gewei. Als een mannetje zeven maanden oud is, beginnen de rozestokken (beginselen van het gewei) te ontwikkelen. En als het dier een jaar oud is, zijn de rozenstokken volgroeid en begint de groei van het eerste gewei. Het eerste gewei van het jonge hert is meestal een spiesgewei, daarna wordt het gewei elk jaar groter en zwaarder met meer vertakkingen, ook wel enden genoemd. Een volgroeid gewei heeft meestal meer dan acht maar maximaal 13 enden. 1 Het mannetje (hert) heeft een gewei. Als een mannetje zeven maanden oud is, beginnen de rozestokken (beginselen van het gewei) te ontwikkelen. En als het dier een jaar oud is, zijn de rozenstokken volgroeid en begint de groei van het eerste gewei. Het eerste gewei van het jonge hert is meestal een spiesgewei, daarna wordt het gewei elk jaar groter en zwaarder met meer vertakkingen, ook wel enden genoemd. Een volgroeid gewei heeft meestal meer dan acht maar maximaal 13 enden. 1 Het mannetje (hert) heeft een gewei. Als een mannetje zeven maanden oud is, beginnen de rozestokken (beginselen van het gewei) te ontwikkelen. En als het dier een jaar oud is, zijn de rozenstokken volgroeid en begint de groei van het eerste gewei. Het eerste gewei van het jonge hert is meestal een spiesgewei, daarna wordt het gewei elk jaar groter en zwaarder met meer vertakkingen, ook wel enden genoemd. Een volgroeid gewei heeft meestal meer dan acht maar maximaal 13 enden. Het mannetje (hert) heeft een gewei. Als een mannetje zeven maanden oud is, beginnen de rozestokken (beginselen van het gewei) te ontwikkelen. En als het dier een jaar oud is, zijn de rozenstokken volgroeid en begint de groei van het eerste gewei. Het eerste gewei van het jonge hert is meestal een spiesgewei, daarna wordt het gewei elk jaar groter en zwaarder met meer vertakkingen, ook wel enden genoemd. Een volgroeid gewei heeft meestal meer dan acht maar maximaal 13 enden.
 
Een moment geduld aub...
Een moment geduld aub...