Arkemheen

Bekijk slideshow
Naast echte steltlopers als kievit, scholekster, grutto, kemphaan, watersnip en tureluur, broeden in de polder ook zomertaling, slobeend, wilde eend, veldleeuwerik, graspieper en gele kwikstaart. Veehouders werken waar mogelijk mee aan de bescherming van de vogels, onder andere door het plaatsen van nestbeschermers. In de winterperiode is de polder Arkemheen een zeer belangrijk rust-, foerageer- en doortrekgebied voor talrijke vogels. In die periode zijn er kleine en wilde zwanen, riet- en kolganzen, smienten, wulpen en anderen te vinden. Naast echte steltlopers als kievit, scholekster, grutto, kemphaan, watersnip en tureluur, broeden in de polder ook zomertaling, slobeend, wilde eend, veldleeuwerik, graspieper en gele kwikstaart. Veehouders werken waar mogelijk mee aan de bescherming van de vogels, onder andere door het plaatsen van nestbeschermers. In de winterperiode is de polder Arkemheen een zeer belangrijk rust-, foerageer- en doortrekgebied voor talrijke vogels. In die periode zijn er kleine en wilde zwanen, riet- en kolganzen, smienten, wulpen en anderen te vinden. 2 Naast echte steltlopers als kievit, scholekster, grutto, kemphaan, watersnip en tureluur, broeden in de polder ook zomertaling, slobeend, wilde eend, veldleeuwerik, graspieper en gele kwikstaart. Veehouders werken waar mogelijk mee aan de bescherming van de vogels, onder andere door het plaatsen van nestbeschermers. In de winterperiode is de polder Arkemheen een zeer belangrijk rust-, foerageer- en doortrekgebied voor talrijke vogels. In die periode zijn er kleine en wilde zwanen, riet- en kolganzen, smienten, wulpen en anderen te vinden. Naast echte steltlopers als kievit, scholekster, grutto, kemphaan, watersnip en tureluur, broeden in de polder ook zomertaling, slobeend, wilde eend, veldleeuwerik, graspieper en gele kwikstaart. Veehouders werken waar mogelijk mee aan de bescherming van de vogels, onder andere door het plaatsen van nestbeschermers. In de winterperiode is de polder Arkemheen een zeer belangrijk rust-, foerageer- en doortrekgebied voor talrijke vogels. In die periode zijn er kleine en wilde zwanen, riet- en kolganzen, smienten, wulpen en anderen te vinden. 4 Naast echte steltlopers als kievit, scholekster, grutto, kemphaan, watersnip en tureluur, broeden in de polder ook zomertaling, slobeend, wilde eend, veldleeuwerik, graspieper en gele kwikstaart. Veehouders werken waar mogelijk mee aan de bescherming van de vogels, onder andere door het plaatsen van nestbeschermers. In de winterperiode is de polder Arkemheen een zeer belangrijk rust-, foerageer- en doortrekgebied voor talrijke vogels. In die periode zijn er kleine en wilde zwanen, riet- en kolganzen, smienten, wulpen en anderen te vinden. Naast echte steltlopers als kievit, scholekster, grutto, kemphaan, watersnip en tureluur, broeden in de polder ook zomertaling, slobeend, wilde eend, veldleeuwerik, graspieper en gele kwikstaart. Veehouders werken waar mogelijk mee aan de bescherming van de vogels, onder andere door het plaatsen van nestbeschermers. In de winterperiode is de polder Arkemheen een zeer belangrijk rust-, foerageer- en doortrekgebied voor talrijke vogels. In die periode zijn er kleine en wilde zwanen, riet- en kolganzen, smienten, wulpen en anderen te vinden. 2 Al in de 17de eeuw waren er grote aalscholverkolonies in Nederland. In de 19de eeuw en in de eerste helft van de 20ste eeuw werd de aalscholver sterk bejaagd op aandringen van boseigenaren en beroepsvissers. In 1955 golden quota van maximaal 500 (of minder) broedparen in kolonies die in beschermde natuurgebieden lagen. De aalscholver was toen relatief zeldzaam. Begin jaren 1960 kreeg deze viseter het moeilijk doordat het IJsselmeer werd ingepolderd en visgronden verder van de toen bestaande kolonies kwamen te liggen. De quota werden overbodig, er waren nog slechts 1150 broedparen. In de loop van de jaren 1970 ging de stand weer vooruit, dankzij de vestiging van kolonies in de nieuwe IJsselmeerpolders Een regenboog is een gekleurde cirkelboog die aan de hemel waargenomen kan worden als de (laagstaande) zon tegen een nevel van waterdruppeltjes aanschijnt en de zon zich achter de waarnemer bevindt. Het is een optisch effect dat wordt veroorzaakt door de breking en weerspiegeling van licht in de waterdruppels. Een regenboog is een gekleurde cirkelboog die aan de hemel waargenomen kan worden als de (laagstaande) zon tegen een nevel van waterdruppeltjes aanschijnt en de zon zich achter de waarnemer bevindt. Het is een optisch effect dat wordt veroorzaakt door de breking en weerspiegeling van licht in de waterdruppels. 2 De aalscholver is 80 tot 100 cm lang en heeft een spanwijdte van 121 tot 149 cm. De vogel is vrijwel geheel zwart, maar met een opvallende witte wang en een gele plek op de plaats van de aanhechting van de bek. De snavel is lang en voorzien van een haakvormige punt. In de broedtijd verschijnt er een witte "dijvlek". De dij is anatomisch geen dij, maar het bevederde scheenbeen (tibia) van de vogel, waarop bij volwassen aalscholvers tussen februari en juni een witte vlek verschijnt. De aalscholver heeft zwemvliezen tussen de voortenen en kan dus zwemmen en hij vangt vis door te duiken. 1 Een regenboog is een gekleurde cirkelboog die aan de hemel waargenomen kan worden als de (laagstaande) zon tegen een nevel van waterdruppeltjes aanschijnt en de zon zich achter de waarnemer bevindt. Het is een optisch effect dat wordt veroorzaakt door de breking en weerspiegeling van licht in de waterdruppels.
 
Een moment geduld aub...
Een moment geduld aub...
 
Een moment geduld aub...
Een moment geduld aub...

Alle categorieën

Toon alle categorieën