Actueel

Lente 2026: warm, zonnig en droog

Vandaag komt de meteorologische lente van 2026 ten einde. De lente is warm, droog en zonnig verlopen. In deze blog bespreken we de details en werpen we alvast een blik op de eerste week van de meteorologische zomer.

Met een gemiddelde temperatuur van 11,0 graden tegen een langjarig gemiddelde van 9,9 graden was de lente ruim een graad warmer dan gebruikelijk. Daarmee eindigt de lente van 2026 in de top-5 warmste lentes sinds het begin van de metingen in 1901. Alleen de lentes van 2007, 2014, 2018 en 2024 waren nog warmer. Het record is in handen van 2024, toen een gemiddelde temperatuur van 11,8 graden werd gemeten.

Picture4.png
Het temperatuurverloop van afgelopen lente in De Bilt. De dagen op de horizontale as zijn geteld vanaf 1 maart, de start van de lente. (Bron: KNMI)

Alle drie de lentemaanden verliepen warmer dan normaal. Vooral maart sprong eruit met een gemiddelde temperatuur van 8,1 graden tegen normaal 6,5 graden. Dit kwam vooral door een bijzonder zachte start: de eerste tien dagen van maart verliepen recordzacht. April was eveneens zacht met 10,6 graden tegen 9,8 graden normaal. Mei eindigde op 14,4 graden, een graad boven het gemiddelde.

Recordaantal dagen boven 10 graden

Afgelopen lente werd het op 90 van de 92 dagen 10 graden of warmer in De Bilt, dit is een record sinds het begin van de metingen. Alleen op 14 maart en 26 maart bleef de temperatuur onder de 10 graden steken. Het vorige record was 87 dagen in de lente 2014. 

Op 16 dagen steeg de temperatuur tot boven de 20 graden in De Bilt, dat is het gebruikelijke aantal. Op 7 dagen kwam het kwik boven de zomerse grens van 25 graden uit, terwijl dat normaal op 4 dagen gebeurt. Ook kwam het tot twee tropische dagen in De Bilt: 26 en 29 mei. Tropische dagen zijn zeldzaam in de lente; sinds de start van de metingen in 1901 waren nog maar 11 tropische dagen geregistreerd voor dit jaar.

Weinig vorstdagen

Het aantal vorstdagen bleef deze lente beperkt tot slechts 5, tegenover 13 normaal. Alle vorstdagen werden in maart genoteerd; de laatste viel op 29 maart. Daarmee eindigt de lente van 2026 op de zesde plaats in de ranglijst van lentes met de minste vorstdagen in De Bilt. Het record blijft in handen van de lente van 2024, toen slechts één vorstdag werd geregistreerd.

In het noordoosten en op de Veluwe kwam het een stuk vaker tot vorst: Eelde en Deelen noteerden in totaal 15 vorstdagen. Deelen had op 15 mei nog een opvallend late vorstdag, met toen een minimumtemperatuur van -0,5 graden.

Regionale hittegolf

Eind mei was het bijzonder warm in West-Europa, waaronder Nederland. De warmte heeft op vier KNMI-stations in het zuiden in een hittegolf geresulteerd, wat erg bijzonder is in de maand mei. Het weerstation in Ell had vrijdag 26 mei de primeur. Op 29 mei volgden Westdorpe, Eindhoven en Gilze-Rijen. Vandaag, 31 mei, is het op geen van deze stations 25 graden geworden en daarmee is de hittegolf ten einde gekomen. In Ell heeft de hittegolf in totaal 9 dagen geduurd. Dit is een ruim record voor de maand mei: de vorige langste mei-hittegolf was in 1988 en duurde 7 dagen.

Tijdens deze hittegolf werd in Ell op 29 mei ook de hoogste temperatuur van de lente gemeten van 33,7 graden. In de maand mei is het alleen in 1944 en 1922 nog heter geweest. Op 30 mei 1944 werd het in Gemert 34,3 graden. Verder werd het op 23 mei 1922 in Vlissingen 34,9 graden en een dag later, 24 mei 1922, zelfs 35,6 graden in Gemert en Sittard.

Droge lente

De lente is dit jaar ook erg droog verlopen. Gemiddeld over het land viel er 113 mm neerslag tegen een langjarig gemiddelde van 167 mm. Dat de lente als geheel als droog de boeken in gaat, is vooral toe te schrijven aan de zeer droge aprilmaand. Toen viel er gemiddeld over het land slechts 8 mm tegen 41 mm normaal. Maart was iets te droog (48 mm tegen 56 mm normaal) en mei eindigde landelijk gemiddeld met een normale hoeveelheid neerslag (57 mm tegen 56 normaal).

Wel waren er grote regionale verschillen, voornamelijk omdat veel neerslag in de vorm van buien viel. De meeste neerslag viel in Beek, bij Maastricht, daar werd 155 mm opgevangen. Dat terwijl er in Hoorn op Terschelling slechts 67 mm werd opgevangen. In De Bilt viel 88 mm tegen 159 normaal.

Picture3.png
Dagelijkse neerslaghoeveelheid tijdens de lente van 2026 in De Bilt. (Bron: KNMI)

Op drie na zonnigste lente

De lente verliep zeer zonnig. Gemiddeld over het land werden ongeveer 730 zonuren geregistreerd, tegenover een langjarig gemiddelde van 567 uur. Daarmee eindigt de lente van 2026 op de vierde plaats sinds het begin van de metingen, achter 2020, 2022 en 2025. De top-4 bestaat nu dus enkel uit jaren van het huidige decennium.

Alle drie de lentemaanden zijn te zonnig verlopen. Maart noteerde 212 zonuren tegen 145 uur normaal, waarmee een derde plek werd behaald sinds 1901. In april scheen de zon 257 uur, waar 195 uur gebruikelijk is. Dit was goed voor een vijfde plaats in de ranglijst. Ook mei was zonniger dan gemiddeld, met 262 zonuren tegenover een normaal van 225 uur. Vooral tijdens de zomerse periode aan het eind van de maand scheen de zon veel, zoals goed te zien is in de grafiek hieronder.

De meeste zonuren werden gemeten in Voorschoten, waar de teller uitkwam op 762 uur. In Beek scheen de zon met 697 uur het minst vaak, al lag ook dat ruim boven het langjarig gemiddelde. In De Bilt werd 724 uur zon geregistreerd, tegenover 546 uur normaal.

Picture2.png
Zonuren per dag afgelopen lente in De Bilt. (Bron: KNMI)

Start meteorologische zomer

Morgen, op 1 juni, begint officieel de meteorologische zomer. Deze begint dus niet op 21 juni, wanneer de astronomische zomer van start gaat. Meteorologen delen het jaar op in vier seizoenen van precies drie maanden, zodat weer- en klimaatgegevens gemakkelijker met elkaar kunnen worden vergeleken. De meteorologische zomer omvat daarom altijd de maanden juni, juli en augustus.

De astronomische zomer is daarentegen gebaseerd op de stand van de aarde ten opzichte van de zon. Op 21 juni staat de zon loodrecht boven de Kreeftskeerkring en beleven we de langste dag van het jaar. Dat moment markeert het begin van de astronomische zomer.

Zomers weer?

Helaas voor de zomerliefhebbers start de meteorologische zomer dit jaar niet volop zomers, hoewel ze in de slotfase van mei natuurlijk al flink aan hun trekken zijn gekomen!

Maandag, de eerste dag van de zomer, is het eigenlijk nog prima weer, met in het zuiden zelfs nog temperaturen rond een zomerse 25 graden. Er is een afwisseling van zon en stapelwolken en vooral in het oosten kan een buitje vallen. De meeste plekken houden het echter droog.

Dinsdag kan het met een zuidenwind ook nog warm worden (wellicht 25 graden in het oosten), maar al snel trekken er vanuit het zuidwesten stevige onweersbuien over het land. Deze kunnen behoorlijk fel uitpakken met ook kans op zware windstoten. Dit is dus een dag om in de gaten te houden.

Woensdag, donderdag en vrijdag daalt de middagtemperatuur naar een graad of 20. Dat is eigenlijk een hele normale waarde voor de tijd van het jaar. Er trekken buien over het land en vooral donderdag is daarbij weer een grote kans op onweer. Ook waait er een vrij stevige zuidwestenwind op deze dagen.

meerdaagse.png
De weersverwachting voor de eerste vijf dagen van de meteorologische zomer.

Vanaf volgend weekend lijken hogedrukgebieden weer meer invloed te krijgen in onze omgeving, waardoor het waarschijnlijk wat minder wisselvallig wordt. Wel blijft de kans op een bui bestaan. De temperaturen zouden vanaf dan ook weer voorzichtig wat kunnen oplopen. 


31-05-2026 om 14:30 door Julian Scheerder


Lees meer:

Een moment geduld aub...
Een moment geduld aub...