Kleine zilverreigers

Kleine zilverreigers

De kleine zilverreiger zit qua formaat in tussen de kwak en de ralreiger. De vogel heeft zwarte poten met gele tenen en een lange witte kuif (in de zomer). De kleine zilverreiger is 55-65 cm lang en heeft een spanwijdte van 88 tot 106 cm. Hij lijkt erg op de grote zilverreiger, maar die is gemiddeld 30 cm langer (90 cm, spanwijdte 150 cm, zo groot als een blauwe reiger), heeft zwarte tenen en in de zomer is de snavel van de grote zilverreiger geel

Door: Regina Vastenhout
Gemaakt: 24-02-2023, 752x bekeken
Bekijk slideshow
Broedt van eind april tot in juli. Heeft doorgaans één of twee legsels met meestal 4-6 eieren. Broedduur: 12-14 dagen. De gele kwikstaart maakt zijn nest goed verstopt op de grond. De jongen blijven 10-13 dagen op het nest. Daarna kunnen ze binnen enkele dagen goed vliegen. De boerenzwaluw broedt in open schuren en onder brede dakoverstekken, onder bruggen en incidenteel ook op andere beschutte plaatsen. Het voedsel wordt gezocht in de lucht: het bestaat uit enorme hoeveelheden kleine vliegende insecten die in volle vlucht verzameld worden. Ook komt de boerenzwaluw veel voor in de omgeving van water, waar de zwaluwen rakelings overheen scheren om insecten te verzamelen. Het voedsel van de zanglijster bestaat uit kevers, regenwormen, insecten, duizendpoten, pissebedden en slakken. Foerageert laag bij de grond, vaak rennend en springend op gras. De huisjes van slakken breken ze op vaste plekken open, de 'smidse'. Eet ook plantaardig voedsel, zoals allerlei bessen (taxus, blauwe bossen enz.) en vruchten, met name vanaf de nazomer tot in de vroege winter. De boerenzwaluw is een echte boerenlandvogel, een luchtacrobaat van het boerenerf. De nesten worden bij voorkeur gemaakt in boerenschuren, loodsen en dergelijke waar ze in en uit kunnen vliegen. Van april tot oktober verblijven zij in Nederland, de winter wordt in zuidelijk Afrika doorgebracht. 2 De graspieper lijkt veel op andere piepers zoals de waterpieper en de boompieper. Het is een kleine vogel van ongeveer 15 cm met een spanwijdte van 25 tot 27 cm. De graspieper weegt ongeveer 20 tot 25 gram. Gele kwikstaarten hebben een voorkeur voor open landbouwgebieden. Ze wippen de staart regelmatig met felle schokkende bewegingen op en neer. 'Gele kwikken' hebben een onstuimige balts, met trillende veren fladdert het mannetje boven het vrouwtje of loopt steeds rondjes om haar heen.
 
Een moment geduld aub...
Een moment geduld aub...