Philippe Schambergen
Waarom de dagen nu opeens zo snel korter worden
03 sep 2026, 12:30
Het is je vast opgevallen als je 's avonds op de bank zit of 's ochtends de deur uitstapt: de dagen worden momenteel in een razend tempo korter. Waar we twee maanden geleden nog tot na 22:00 uur op het terras in de zon zaten, gaat het licht nu al ruim anderhalf uur eerder uit. Vooral de laatste tijd lijkt het opeens wel heel snel te gaan met het daglicht. En dat klopt, want september is de maand waarin de duisternis het allersnelst terrein wint.
Rond de langste dag van het jaar, 21 juni, profiteren we in Nederland van zo’n 16 uur zonlicht op een dag. De zon klimt dan al om 05:20 uur boven de horizon en zakt pas na 22:00 uur weer weg.
Figuur 1: Zonsopkomst en zonsondergang na de langste dag van het jaar
Na die zomerzonnewende begint de daglengte heel langzaam te krimpen. Eerst merk je daar nauwelijks iets van, maar gaandeweg komt de klad er steeds sneller in.
Figuur 2: Rond de langste dag gaat de grafiek nog niet zo snel naar beneden, pas in september daalt de daglichtperiode echt hard.
Tegen het einde van augustus zijn we in totaal al ruim 2 uur daglicht verloren ten opzichte van de start van de zomer. We leveren op dat moment al ruim 3 minuten per dag in.
Half uur per week
Maar de echte eindsprint van de duisternis begint nu, in de periode rond de overgang naar de astronomische herfst. In de maand september verliezen we per dag de meeste minuten aan daglicht.
Figuur 3: We verliezen het snelste daglicht in september en krijgen het meeste daglicht erbij in maart en april.
Per dag wordt er momenteel maar liefst 4 minuten van onze daglichtperiode afgesnoept! In slechts één week tijd verliest de daglengte daardoor bijna een half uur aan licht.
Schuine stand van de aarde
Dat de dagen juist nu zo snel korter worden, komt door de schuine stand van de aarde. De aarde staat namelijk een beetje gekanteld ten opzichte van de zon. Doordat we in een baan om de zon draaien, verandert de positie van de zon boven de aarde het hele jaar door.
Figuur 4: De aarde staat schuin, hierdoor kennen we onze seizoenen.
Rond 22 of 23 september bereiken we een bijzonder kantelpunt: de herfst-equinox. Op die dag staat de zon precies recht boven de evenaar. Dag en nacht duurt dan overal ter wereld precies even lang.
Figuur 5: Zodra de astronomische herfst begint, staat de zon loodrecht boven de evenaar .
Juist in de periode rond deze datum verandert de hoek van de aarde ten opzichte van de zon het allersnelst. Vergelijk het met een schommel: in het midden ga je het hardst, en aan de buitenpunten sta je heel even stil. In september zitten we in die snelle beweging in het midden, waardoor we nu dus die piek van 4 minuten lichtverlies per dag beleven. Richting de winter vlakt dit tempo gelukkig weer af.
Hoe noordelijker, hoe extremer
Dit proces verloopt niet overal op de wereld in hetzelfde tempo. Hoe verder je naar het noorden reist, hoe sneller het daglicht verdwijnt. Zelfs binnen ons eigen land is het verschil al meetbaar. Tussen Rottumerplaat in het hoge noorden en Kuttingen in het diepe zuiden van Limburg zit al gauw een minuut verschil in het dagelijkse tempo van lichtverlies.
Als we over de landsgrenzen heen kijken, worden de contrasten pas écht enorm. Neem bijvoorbeeld Longyearbyen, de hoofdstad van de eilandengroep Spitsbergen. Waar wij in Nederland maximaal 4 tot 5 minuten per dag inleveren, verliezen ze daar in september tot wel 17 minuten aan daglicht per dag! Dat betekent dus dat ze in een week tijd 2 uur aan daglicht kwijtraken. Binnen een mum van tijd gaan ze daar boven de poolcirkel van de constante midzomernacht naar de totale duisternis van de poolnacht.
Einde van zomerweer?
Betekenen deze kortere dagen dan ook een definitief einde van het zomerweer in Nederland? Dat hoeft niet zo te zijn... We hebben al vaker halverwege of eind september hitte opstootjes gezien waarbij het in het binnenland nog makkelijk 25 of in uitzonderlijke gevallen zelfs 30 graden kon worden.
Figuur 6: Een voorbeeld van zo'n late septemberdag met meer dan 30 graden. Op 20 september 2003 werd het in het zuidoosten op meerdere plekken nog 30 graden.
Zo ook komende zondag en maandag. Warmere lucht weet ons dan te bereiken, waardoor het in het binnenland zomaar 27 graden kan worden. Er is zelfs een kans op lokaal 30 graden, maar het is nu nog te vroeg om daarover in de details te kunnen treden. Hou voor het aankomende nazomerweer vooral ons uitgebreide weerbericht in de gaten!
Figuur 7: De meerdaagse verwachting. Op zondag en maandag wordt het weer zomers warm in het binnenland.


