Het afgelopen jaar werd een verdrievoudiging van het aantal eikenprocessievlinders waargenomen. Dat betekent meestal dat het jaar erop het aantal eikenprocessierupsen zal toenemen. We moeten dit jaar dus rekening houden met een toename en de rupsen zijn nu in het stadium aanbeland van de irriterende brandharen. Oppassen dus!
Vroeger hoorde je er maar weinig over, maar de laatste jaren is het beestje regelmatig in het nieuws; de eikenprocessierups! Deze rups krijgt zo veel aandacht vanwege de beharing. De eikenprocessierups heeft namelijk zogenaamde brandharen. Deze brandharen gebuikt de rups als verdediging. Wanneer de rupsen worden verstoord of zich bedreigd voelen laten ze de brandharen los. Veel natuurlijke vijanden ‘branden hun vingers’ dan ook liever niet aan de eikenprocessierups. Ook de mens ondervindt hinder van de rups. Wanneer de brandharen op je huid of ogen komen raken die geïrriteerd of zelfs ontstoken. Het inademen van de brandharen geeft benauwdheidsklachten, kortademigheid en kan in extreme gevallen zelfs levensbedreigend zijn. De kans op deze brandhaartjes neemt toe bij winderig weer.
Van oorsprong komt de eikenprocessievlinder uit Zuid-Europa. De vrij onopvallende vlinder heeft de afgelopen tientallen jaren z’n opmars gemaakt in de Noord-Europese landen vanwege het opwarmen van de seizoenen. En vooral de warmere lentes zijn cruciaal voor de voortplanting van de eikenprocessievlinder en dus ook de rups.
Na het paringsproces van de vlinders in augustus en september volgen de eitjes. Die worden afgezet op eikenbomen. Die moeten de winter overleven en dat lukt ook wel want de eitjes zijn bestand tegen diepvrieskou van -22 graden Celsius. Of de winter nu koud of zacht verloopt maakt dus niet uit.
Voorjaar cruciaal
Het is vooral het verloop qua weer in het voorjaar dat maakt of de rups ’t overleeft of niet. Als het namelijk in april en mei warmer is dan normaal, gaat de ontwikkeling van de rupsen sneller. Ze komen eerder uit hun eitjes en de groei van de rupsen is ook sneller. Dat betekent dat de brandharen bij warmer weer ook een rappe groei doormaken. De afgelopen maanden verliepen warm, waarbij april uitblonk in zonneschijn en mei een zeer warme laatste helft beleefde. Al met al ideale omstandigheden voor de eikenprocessierups.

Nest van de eikenprocessierups (foto: Toon Boons)
De ontwikkeling en overlevingskansen van de rups vallen ook samen met de groei van de eik. Zodra de eik (waar het nest zich bevindt) in het voorjaar blad krijgt, zorgt het bladerdek voor bescherming en beschutting. Is het al vroeg in het voorjaar warm, dan versnelt de bladgroei van de eik en is de rups beschermd tegen natuurlijke vijanden en tegen weer en wind. Dat niet alleen, de rupsen hebben met de komst van het blad voldoende voedsel.
Nadat de rupsen uit het ei zijn gekomen zijn ze eerst nog passief en erg kwetsbaar. Wanneer er vervolgens een omslag naar kouder en wisselvalliger weer volgt, neemt de kans op overleving af. Het koude en natte weer maakt dat de rupsen in het nest blijven en niet eten. Veel rupsen overleven zo’n periode niet. In de maanden daarna zal de overlast van de rups dan ook merkbaar minder zijn. De laatste tientallen jaren verloopt de lente eerder warmer dan kouder en heeft de rups vrij baan. Overigens zijn voorjaarsstormen en hagelbuien funest voor de jonge kwetsbare rupsen.
In een later stadium zijn de rupsen sterker en kunnen ze zich standhouden in verschillende weersomstandigheden. Meer wind zorgt dan zelfs voor verspreiding van de eikenprocessierups en -vlinder.
Vijanden van de eikenprocessierups
De natuurlijke vijanden van de eikenprocessierups zijn oa. vogels, insecten en vleermuizen. Voorbeelden van vogels die de eikenprocessierups eten zijn: Koolmees, Boomklever, Koekoek, Pimpelmees en Kauw. De Koolmees slaat een buitgemaakte rups eerst een paar keer tegen een boom zodat de brandharen er uitvliegen, waarna de rups wordt verorberd. Bij de volgende insecten staat de rups op het menu: Groene Gaasvlieg, Kale Bosmier, Sluipwesp en Sluipvlieg. Daarnaast lusten vleermuizen dus ook wel een behaarde rups.

De Pimpelmees is een van de natuurlijke vijanden van de eikenprocessierups (foto: Paula de Bruin)
Door het leefgebied van zijn natuurlijke vijanden te verbeteren is de populatie eikenprocessierupsen terug te brengen. Denk bijvoorbeeld aan het ophangen van vogelhuisjes en meer beplanting waar insecten zich thuis voelen. Daarnaast helpt het ook om meer variatie in bomen aan te brengen. Zet eiken niet naast elkaar, want dan maak je het de rups wel heel makkelijk om zich te verspreiden.
Na afname nu weer toename
In 2019 was er sprake van een enorme piek in het aantal eikenprocessierupsen en daarmee ook de bijkomende overlast van de brandhaartjes. In de jaren daarna nam het aantal vervolgens weer af. In 2024 werd zelfs een opvallend lage populatie waargenomen. Er is echter een trend te zien waarbij de populatie in een golfbeweging dan af- en toeneemt. Afgelopen jaar werd juist weer op sommige plekken een verdrievoudiging waargenomen van het aantal eikenprocessievlinders. Een signaal dat dit jaar de populatie eikenprocessierupsen wel eens kan toenemen. Op diverse plekken in het land zijn al een flink aantal nesten gezien. Opvallend is ook dat niet alleen hoog in de eik, maar ook lager op de stam de nesten worden waargenomen.

De eikenprocessierups (foto: Sjanne Pol, Lauwersoog)
Het advies is om uit de buurt van de nesten van de eikenprocessierups te blijven. Mocht je toch in aanraking zijn gekomen met de brandhaartjes spoel je huid goed af met water. Meer informatie en adviezen vind je op Kennisplatform Processierups. Naast de eikenprocessierups is het ook uitkijken geblazen voor de bastaardsatijnrups, meer hierover in deze blog.
